Second Screen dreigt Second Life te worden

Het tweede scherm, tijdens de TV debatten in aanloop naar de verkiezingen ging het nergens anders meer over. Jeroen Pauw kreeg het nauwelijks over zijn lippen, als hij de paar mensen met een iPad opriep om te stemmen. Het tweede scherm kennen we van de sport: achtergronden en speldata bij de hand. Maar ik krijg erg het gevoel dat het tweede scherm op weg is om de volgende hype te worden. Het second screen kan zo maar het volgende Second Life worden, de virtual reality game waar je niets meer over hoort.

Ja, de opkomst van tablets, met name de iPad, is fabelachtig. De mogelijkheden van tablets zijn ook eindeloos. Dat merkten de eigenaren van content, zoals sportorganisaties, al gauw. Dus de eerste iPad apps in de Verenigde Staten waren van de basketball-organisatie NBA en in Nederland had de Rabobank nog voor de iPad in Nederland uit was al een app waarmee de Tour de France op de nieuwe gadget te volgen was. Die apps waren vooral mooie toepassingen voor de sport, net zoals op de iPhone maar dan mooier en groter. Denk aan live informatie, achtergronden over spelers en video’s met interviews en vaak ook de beroemde “data” die de Amerikaanse sport zo kenmerkt. Dit is prettige afleiding voor tijdens de reclame of leuk als de uitzending wat saai is, zoals tijdens de eerste uren van een wielerkoers.

Maar de tablet en smartphone en laptop worden tijdens het tv kijken niet alleen gebruikt voor de uitzending. Je kunt er immers veel meer mee doen, zoals email checken, surfen, social media gebruiken. Vooral dat laatste en in het bijzonder Twitter heeft de laatste tijd veel aandacht gekregen. Twitter is geweldig om te volgen tijdens een voetbalwedstrijd, tijdens #DWDD, tijdens Zomergasten, eigenlijk tijdens alles op TV. Dat succes is de programmamakers wel opgevallen en daar wilden ze natuurlijk iets mee. Dus de trend van de tablet met mooie apps over bijvoorbeeld sport en de trend van twitteren tijdens een TV-uitzending werd gecombineerd en zo ontstond “het tweede scherm”.

Nu wordt op elk congres waar de toekomst van tv het onderwerp is, hoopvol gesproken over het tweede scherm. De gedachte is dat de van televisie afgekeerde kijker via het tweede scherm weer braaf terug komt in de commerciële omgeving van de programmamaker. Dat lijkt mij sterk: de vlucht naar het (nu nog behoorlijk commercieloze) Twitter geeft twee zaken aan: de tv-kijker is veranderd en het medium TV is niet mee veranderd.

Een veredelde Twitter app met een “man of the match” knop (werkt prima, zowel in sport, talentshows en zelfs in de politiek) gaat de massaal multi-taskende tweede schermers echt niet terug in de armen van de programmamaker drijven. Zeker niet als de sport op TV zelf spannend is. Daarvoor is creativiteit nodig en niet een 'business case'. De gebruikers van het tweede scherm laten zich zeker geen data door de strot duwen of vermaken met makkelijk te googlen informatie in een commerciële omgeving. Toch wordt het tweede scherm nu vooral op die manier ingezet, met vanzelfsprekend matig resultaat. Een ezel stoot zich niet twee keer aan dezelfde steen maar als er niet meer dan een commercieel speeltje van gemaakt wordt, eindigt het Tweede Scherm als het tweede Second Life: leuker om te fantaseren dan te doen.