De charme van een wielertempel

Afgelopen week stapte ik voor het eerst in mijn leven een Velodroom binnen. Het woord alleen al heeft charme. Welke sport kan nu zeggen dat er een ‘speciale’ benaming is voor haar accommodatie? Het bijbehorende evenement bleek al net zo interessant: een Zesdaagse. Dit betekent zes keer een avondvullend programma van wielerkoppels op de baan. De koppels rijden iedere avond alle verschillende disciplines. De pauzes tussen de verschillende onderdelen zijn minimaal. Variatie is verzekerd. Het gaat van supersprint tot koppeltijdrit tot een dernykoers (de renner wordt geleid door een brommerachtig voertuig). Het codewoord van de avond is snelheid. In een razend tempo komen de renners langs. Bijna alle grote jongens reden ooit een Zesdaagse. Jongensdromen werden hier werkelijkheid.

De sport is echt terug van weggeweest. ‘Vroeger’ reden de grote wegwielrenners na de Tour de France ’s winters gewoon op de baan. Maar toen er sponsoren met geld om de hoek kwamen kijken op de weg, raakte de baan langzaam haar charme kwijt. In plaats van een overdekt Velodroom werd ’s winters gekozen om te trainen in de zon. Het baanwielrennen kwam in het verdomhoekje. Tot Leontien van Moorsel op kwam zetten. En Theo Bos, Teun Mulder, Peter Schep, Marianne Vos etc. De Nederlandse baantoppers haalden medailles op de Olympische Spelen en wonnen langzaam maar zeker terrein met hun sport. Ze hadden lol, gingen voor elkaar door het vuur. Het sprak het Nederlandse volk aan. Het fragment van Theo Bos en Teun Mulder is hier slechts een voorbeeld van.

(klik op de afbeelding om de video te bekijken)

De populariteit van wielrennen in Nederland stijgt de afgelopen jaren zichtbaar. Als vrijetijdssport wint het wielrennen op de weg ieder jaar terrein. Zoals Gijsbrecht Brouwer al beschreef in een eerdere blog lijken de meeste wielrenners populistisch te werk te gaan. In deze vorm van wielrennen gaat het vaak om mooi weer, afspraken via social media en in steeds wisselende samenstellingen. Tijdens het ‘rondje’ worden apps als bijvoorbeeld Strava veelal ingezet. Resultaten worden vervolgens gedeeld via kanalen als twitter en Facebook.

Lees meer: Wielrennen het nieuwe golf? Waar is de eerste wielergolf ?

Waar het wegwielrennen terrein wint op zowel offline als online vlak lijkt de wielerbaan achter te blijven. Ik moet toegeven dat de organisatie van de Zesdaagse wel heeft gefaciliteerd in een livestream via de website. Op het eerste gezicht een mooi initiatief. Echter, de slag van het betrekken van de kijker bij de sport werd onvoldoende gemaakt. In de koppeling naar social media is veel te winnen.

Potentiële oplossingen kunnen gezocht worden in het ontwikkelen van aansprekende filmpjes met uitleg over de verschillende onderdelen, misschien zelfs wel met medewerking van bekende (ex)-baanwielrenners. En een marketingstunt rondom de charme van het Velodroom zou wat mij betreft ook niet misstaan. Ook een samenwerking met een reeds bestaande wielertour op de weg zou nieuwe kansen kunnen bieden, zoals het ook gaat in ‘De Hel van het Noorden’. Want als er een wedstrijd is die als voorbeeld dient is het Parijs-Roubaix. Ik herinner mij nog als de dag van gisteren hoe Servaas Knaven in 2001, zwartgeblakerd van de modder, solo de wielertempel van Roubaix binnenreed. Wat een charme straalde daar vanaf. En dat terwijl Knaven effectief maar anderhalve ronde door het stadion reed. Een jongensdroom die uitkwam.

Afbeeldingen: Flickr (CC) Townsley - Souffreau