Er was de afgelopen week veel te doen om de Nederlandse kansspelmarkt. Op de dag dat de Tweede Kamer uitvoerig sprak over integriteit in de sport, en matchfixing in het bijzonder, kwam het Kabinet met de concept-wettekst voor een modern online kansspelbeleid. Met het verschijnen van de concept-Kansspelwet is een grote stap gezet op weg naar de totstandkoming van een modern kansspelbeleid waarbinnen ruimte is voor een Nederlandse gereguleerde online kansspelmarkt. Hoewel het een concepttekst betreft die slechts ter consultatie gepubliceerd is, biedt deze tekst op hoofdlijnen een inzicht in hoe het Kabinet-Rutte II het wettelijk kader voor kansspelen aan wil passen aan de digitale realiteit van vandaag, en de vraag van de Nederlandse burger.
Het concept is een omvangrijk en uitgebalanceerd document, waarin aandacht is voor de belangen van vele stakeholders, en waarin in het bijzonder aandacht is voor de bescherming van de consument. Er is sprake van een consistente en holistische kernbenadering die moet leiden tot een aantrekkelijk gereguleerd aanbod dat de Nederlandse burger moet verleiden bij in Nederland vergunde kansspelaanbieders te gaan spelen. In kansspeljargon spreekt men dan van ‘kanalisatie’ van de speler.

De kanalisatiegedachte ligt hieraan ten grondslag: de menselijke wil om deel te nemen aan kansspelen is al eeuwenlang evident , en dient door de overheid te worden omkaderd. De kanalisatiegedachte op zich is een billijk startpunt voor het creëren van een modern kansspelbeleid, en vormt ook het fundament voor de nieuwe kansspelmarkt die gereguleerd zal worden. In de kansspelmarkt nieuwe stijl zal de overheid echter niet langer vergunningen verlenen op basis van een procedure die door de Nederlandse rechter gekwalificeerd is als ‘niet-transparant’ en ongeldig. Tevens zal de overheid de pet van ‘marktkoopman’ gedwongen afzetten. De andere rol, die van zedenmeester, blijft overeind, in de zin dat de overheid de eisen bepaalt waar kansspelaanbieders aan moeten voldoen. De BV Nederland trekt zich echter terug van de markt zelf, getuige onder andere de voorgenomen verkoop van Holland Casino. Tot slot beantwoordt de nieuwe Kansspelwet eindelijk aan de veranderingen die het internet veroorzaakt heeft in het kansspellandschap, dat in grote mate bepaald wordt door online ontwikkelingen. Online wedden wordt mogelijk onder een Nederlandse vergunning Een veel geuite zorg is dat het legaliseren van online wedden de kans op ongewenste fenomenen als matchfixing doet toenemen. Uit onderzoek blijkt echter het tegendeel: hoe beter een kansspelmarkt gereguleerd is, hoe meer de actoren in het tripartiete ecosysteem (bestaande uit overheid, sportwereld, kansspelaanbieders) transparantie kunnen betrachten en samen kunnen werken, en hoe riskanter het wordt voor criminelen om zich op die transparante, gereguleerde markt te begeven.
In het voorstel wordt wel weliswaar kort aandacht gegeven aan matchfixing, maar dit gebeurt meer vanuit een repressief perspectief. Dit terwijl een proactieve benadering op basis van voorlichting en preventie efficiënter is. Een voorbeeld hiervan is de voorlichtingscampagne van EU Athletes. Dit is de Europese federatie van spelersbonden die niet minder dan 25 duizend atleten vertegenwoordigt. Op een recente conferentie, die onderdeel is van een meerjarenplan dat gezamenlijk wordt gefinancierd door de Europese Commissie en ESSA werd door de aanwezige stakeholders benadrukt dat het voor het beschermen van de integriteit van de sport cruciaal is dat alle sectoren samenwerken bij de voorlichting van professionele sporters over het verschijnsel matchfixing. Uitgangspunt hierbij is dat het bij het bestrijden van matchfixing niet alleen om repressie gaat, maar dat preventie evenzeer een belangrijke rol speelt. Door het aanbieden van educatieve programma’s aan sporters neemt EU Athletes haar verantwoordelijkheid in preventie.

Hoewel het uitgangspunt van kanalisatie naar voren komt in de concept-Kansspelwet, en de fundamenten met betrekking tot de bescherming van de consument onmiskenbaar zijn gelegd, bevat de concept-wettekst ook een passage die vragen oproept omtrent de haalbaarheid. Blijkens de concept-Kansspelwet streeft de overheid naar een kanalisatie van slechts 75 procent van de markt. Dit wekt de suggestie dat de overheid minder maalt om de resterende 25 procent die buiten kanalisatie zal vallen – terwijl het hiermee om liefst 200 duizend spelers gaat. Hoewel er altijd bepaalde consumenten zullen zijn die hun toevlucht zoeken tot Aziatische websites en het vanuit praktisch sowieso onmogelijk is om de online kansspelmarkt voor de volle 100 procent te kanaliseren, lijkt het streven naar een kanalisatie-percentage van 75 procent een zeer conservatief, zelfs ongelukkig, uitgangspunt. Het zou, vanuit de belangen van alle stakeholders geredeneerd, beter zijn te streven naar een regulering van minstens 85 procent van de markt.
Het ongereguleerd laten van 25 procent van de markt is riskant om verschillende redenen. Ten eerste aangezien juist die 25 procent van de kansspelconsumenten de meeste behoefte heeft aan duidelijke omkadering en bescherming. Ten tweede houdt men met deze ‘25% restvraag’ een niet door de Nederlandse overheid vergund aanbod in stand, wat het Nederlandse systeem onder druk zal zetten. Immers: meer consumenten zullen buiten de door de Nederlandse overheid vergunde kansspelbedrijven blijven spelen, waardoor een scenario van krimp voor de Nederlands vergunde markt dreigt, met alle negatieve gevolgen van dien: de Nederlandse overheid loopt inkomsten uit online kansspelbelasting mis, consumentenbescherming blijft achter, en de kostendruk op de aanbieders die wel een vergunning hebben zal toenemen. Hierdoor ontstaat een online kansspelmarkt die minder aantrekkelijk is dan waarop men nu hoopt.

Ander punt van zorg is de vraag of de plannen van het Kabinet wel kans van slagen hebben. De overheid streeft naar een belastingpercentage van 20 procent. In België is dit 11 procent. Dit betekent dat in België aanbieders meer van de ingelegde gelden uit kunnen keren aan spelers, waardoor de aantrekkelijkheid van het product een stuk groter is. Een kleine rekensom leert dat in de huidige situatie in Nederland een speler, wanneer hij een winnende weddenschap van 10 euro op FC Twente heeft geplaatst, hij 19 euro en 50 cent krijgt uitgekeerd. In België is dit 18 euro. Op basis van het huidige voorstel zou het in Nederland slechts 16 euro zijn. Het is zeer de vraag of de consument zal accepteren dat hij straks per ingelegd tientje liefst drie-en-een-halve euro minder uitgekeerd krijgt.
Resumerend is het zeer goed dat er na bijna vijftig (!) jaar er een duidelijke visie is voor een modern kansspelbeleid, gebaseerd op de kanalisatie van de vraag naar een attractief Nederlands vergund aanbod. Hierdoor wordt effectieve bescherming en toezicht mogelijk. De basiselementen voor een duurzaam beleid zijn aanwezig in de concept-Kansspelwet. Door een geringe kanalisatieambitie van maximaal 75 procent van de markt zal de feitelijke uitwerking echter minder succesvol zijn dan gehoopt, en zullen Nederlanders hun toevlucht blijven zoeken tot buitenlandse, niet in Nederland vergunde kansspelaanbieders. Hierdoor ligt een scenario op de loer waarin de overheid er niet in slaagt een goed kansspelbeleid te realiseren, en waarin de huidige status quo behouden blijft.
Dit is een gezamenlijke bijdrage van Anne-Jaap Snijders (Country Manager Australië) en Eric Konings (Global Sportsbook Intelligence) van Unibet. Zij publiceren regelmatig artikelen op SPORTNEXT over de ontwikkelingen rond het reguleren van online kansspelaanbod en het liberaliseren van de volledige kansspel markt.
Afbeeldingen: Stephan Jones - Compete - YogoNet - DafaBetSportsbook