In de krant lees je het vaak: ‘Directeur moet aftreden na slecht bedrijfsresultaat’. Naar mijn idee moet hetzelfde gelden voor trainers en coaches van topsporters.
Charles van Commenee was in 2008 de verantwoordelijke man geworden van de Britse atletiekploeg. Hij zou de man zijn die in Londen met het team acht medailles zou halen. Het werden er ‘maar’ zes, waarvan vier gouden plakken. Een geweldige prestatie, maar Charles nam de consequentie en stapte op. Voor iedereen die hem kent was dat geen verrassing: Charles meent wat hij zegt. Nog belangrijker was dat in de aanloop naar de Spelen harde keuzes waren gemaakt. Iedereen die niet kon bijdragen aan het halen van de enorm hoge ambitie werd bedankt. En dat gold uiteindelijk ook voor hemzelf.
In Nederland wordt afrekenen vaak gebracht als straf voor de verantwoordelijke man of vrouw, de zogenaamde ‘kop van Jut’. Dat is vreemd. Afrekenen zou niks te maken moeten hebben met straf, maar met de consequentie van het niet behalen van een afgesproken resultaat. Is die consequentie er niet, dan zal dat gelden voor de hele ploeg. Het gevoel zal ontstaan dat als het lastig wordt, er morgen weer een kans is. Dat gaat ten koste van de focus en scherpte van de hele ploeg. Topsport is op lange termijn doelen stellen, maar NU presteren. Het doel niet behalen en dat compenseren met goede redenen en andere goede resultaten, maakt geen topsporter.
De ware topsporter gooit zijn of haar hele hebben en houden in de strijd, zonder zekerheden. Datzelfde moet ook gelden voor de topsportomgeving. Trainers en technisch directeuren worden aangesteld om een bepaalde ambitie te halen. Lukt dat niet, dan dient dat na een evaluatie ook personele consequenties te hebben. Zo werkt topsport. Dat wil niet zeggen, dat de staf de schuld krijgt voor het falen van de topsporter, maar wel de verantwoordelijkheid voor het niet behalen van de gestelde ambities. Want dat valt op: vaak worden de ambities hoog neergezet om daarmee subsidies binnen te kunnen halen, maar als er afgerekend moet worden, komen heel andere doelstellingen naar boven.
Ik ben heel positief over de focus die NOC*NSF heeft aangebracht binnen de topsport. Of alle gemaakte keuzes juist zijn kan ik niet beoordelen. De weerstand tegen de aanpak is voelbaar. Dat maakt het spannend. Altijd goed voor de focus, dat wel! De resultaten in Rio 2016 zullen belangrijk zijn voor het vervolg van de ingeslagen weg. Belangrijker is het hoe NOC*NSF zichzelf ziet: als ondersteuner of ook verantwoordelijk voor de keuzes die gemaakt zijn? In dat laatste geval zou het heel logisch zijn als ook de prestatiemanagers worden afgerekend op de resultaten in relatie tot het geïnvesteerde kapitaal. Denk bijvoorbeeld aan programma’s die veel hebben gekost en weinig resultaat opleverden. Zit die scherpte er in, dan zullen de keuzes van NOC*NSF nog scherper gemaakt worden. Ten slotte dienen alle plannen als onderbouwing om keuzes te maken. Aan het eind van de rit kunnen prachtige plannen niet gebruikt worden om slechte resultaten te verantwoorden. In topsport draait het onder de streep alleen om resultaat.